Living

Je meubels hoeven niet meer bij elkaar te passen

· 5 min leestijd

Een bank, fauteuil en salontafel in precies dezelfde houtkleur: tot voor kort was dat de standaard voor een verzorgde woonkamer. Nu zie je steeds meer luxe interieurs waar niets bij elkaar lijkt te horen en het toch klopt. Een gestoffeerde bank uit de jaren zeventig naast een strak moderne salontafel, een antieke kast met een hypermoderne hanglamp erboven. De matchende meubelset verdwijnt, en daar is een duidelijke reden voor.

Interieurstylisten zien de verschuiving al een tijdje aankomen. Waar een paar jaar geleden alles uit dezelfde collectie kwam, draait het nu om een ruimte die aanvoelt als iets dat over jaren is opgebouwd, niet in één weekend bij elkaar gekocht. Dat klinkt misschien als meer werk, maar met een paar vaste uitgangspunten is het juist makkelijker dan een complete set uitzoeken die overal bij past.

Waarom de matchende bankset verdwijnt

Een complete woonkamer in één bestelling kopen voelde jarenlang als de veilige keuze. Alles in dezelfde kleur, dezelfde stijl, dezelfde fabrikant. Het resultaat was overzichtelijk, maar ook voorspelbaar: je woonkamer leek op een showroom in plaats van op een plek waar je woont. Dat showroom-gevoel is precies waar veel mensen vanaf willen.

Wat ervoor in de plaats komt, noemen interieurontwerpers eclecticisme: bewust meerdere stijlen, periodes en materialen samenbrengen in één ruimte. Dat is geen nieuw begrip, de term bestaat al in de kunstgeschiedenis, maar de toepassing in de woonkamer is wel nieuw. Het verschil met vroeger is dat mixen nu een bewuste keuze is, geen compromis omdat je spullen van je oma hebt overgenomen.

Kies één stijl als anker

Mixen zonder plan levert snel een rommelige kamer op. Het werkt het best als je één stijl of kleur als anker neemt en daar vanuit afwijkt. Kies bijvoorbeeld een bank in een neutrale kleur als basis, en bouw daaromheen met een paar sterke, contrasterende stukken: een opvallende fauteuil, een vintage salontafel, een asymmetrische vloerkleed.

Een vaste regel die bij veel stylisten terugkomt: houd het bij twee tot drie stijlen per ruimte. Scandinavisch met een vintage accent werkt bijvoorbeeld goed, net als de Scanditalia-mix die nu populair is: strakke Scandinavische vormen gecombineerd met de warmere, rijkere materialen uit de Italiaanse stijl. Zonder dat gedeelde thema val je snel terug in willekeur.

Materialen die de mix laten kloppen

De makkelijkste manier om een gemengde woonkamer toch samenhangend te laten voelen, is via materiaal in plaats van via stijl. Houd houttinten bijvoorbeeld in dezelfde temperatuur: warm eiken combineert beter met warm notenhout dan met gebleekt grenen. Hetzelfde geldt voor metaal: kies voor messing of zwart staal als terugkerend accent, niet allebei door elkaar.

Ook natuursteen speelt een steeds grotere rol in die mix. Travertijn verdringt marmer in het luxe interieur, juist omdat het die warme, onregelmatige textuur heeft die goed samengaat met oudere, gebruikte meubels. Een strakke marmeren tafel kan een kamer juist weer te steriel maken als de rest van je meubels al divers is.

Patronen mogen weer botsen

Jarenlang was de regel: kies één patroon per ruimte, de rest blijft effen. Die regel verdwijnt mee met de matchende meubelset. Een gestreept kussen naast een bloemetjesstof op de poef, een geruit vloerkleed onder een egale bank: het mag weer, zolang de kleuren uit dezelfde familie komen. Denk aan warme aardtinten die terugkeren in elk patroon, of juist een en dezelfde accentkleur die telkens opduikt in verschillende prints.

Begin met twee patronen die duidelijk in schaal verschillen, een grof patroon en een fijn patroon, zodat ze elkaar niet overschreeuwen. Een derde patroon kan erbij zodra je merkt dat de eerste twee al goed samenwerken. Ga je meteen voor drie of vier gelijke patronen, dan wordt het al snel te druk voor het oog.

Vintage naast nieuw

De snelste manier om een gemixte woonkamer meteen geloofwaardig te maken, is door minstens één écht vintage stuk toe te voegen. Dat hoeft geen duur designobject te zijn: een kringloopvondst, een meubel van je ouders, een tweedehands kast van Marktplaats. Het gaat om de geschiedenis die zichtbaar is in gebruikssporen en vorm, iets wat nieuwe meubels nooit helemaal kunnen nabootsen.

Plaats dat vintage stuk niet in een hoekje, maar juist op een plek waar het opvalt: naast de bank, onder het raam, als bijzettafel naast je favoriete stoel. Hoe meer je het verstopt, hoe meer het als excuus voelt in plaats van als keuze. Durf het zichtbaar te laten staan naast je nieuwste aankoop.

Zo mix je morgen je eerste meubel

Begin klein. Je hoeft niet meteen je hele woonkamer om te gooien om deze trend te volgen. Zoek één stuk dat niet bij je huidige stijl past, maar wel bij je kleurenschema of materiaalkeuze, en zet het op een centrale plek. Dat kan een opvallende stoel zijn, een oude houten kist als salontafel, of een lamp in een heel ander materiaal dan de rest.

Kijk na een paar weken terug: voelt het bewust of toevallig? Bij een goede mix voelt elk stuk alsof het daar hoort, ook al komt het uit een andere tijd of stijl. Dat is precies het verschil tussen een rommelige kamer en een woonkamer met karakter.

S
Geschreven door Sophie Wijnands Interieur redacteur

Sophie runt haar eigen interieurstudio in het centrum van Arnhem en heeft een voorliefde voor luxe materialen die niet per se luxe hoeven te kosten. Ze ontdekte haar passie voor interieur toen ze als student haar krappe kamertje van negen vierkante meter zo stylade dat medestudenten dachten dat ze rijk was, terwijl ze van een budgetpasta-dieet leefde. Inmiddels adviseert ze klanten over woonkamers die groter zijn dan haar eerste appartement, maar haar filosofie is hetzelfde gebleven: elegantie begint bij goede keuzes, niet bij een groot budget. Ze schrijft over wonen met stijl en deelt trucs die ze in vijftien jaar designwerk heeft verzameld. Sophie bewijst in elk artikel dat een stijlvol interieur bereikbaar is voor iedereen die bereid is even goed na te denken voor de aankoop.