Architectuur

Sierlijke gevels zijn helemaal terug in de architectuur

· 5 min leestijd

Jarenlang was de regel simpel: hoe strakker de gevel, hoe luxer het huis. Witte stucwerkvlaktes, rechte lijnen, geen ornament in zicht. Maar die kale, minimalistische look begint scheurtjes te vertonen. Architecten over de hele wereld grijpen weer terug naar sierbaksteen, gebogen lijnen en reliëfpatronen, en dat is niet zomaar een trendje van één seizoen.

Londens architect Mike McMahon merkte het dit jaar duidelijk in zijn eigen praktijk. Bij Royalty Studios in Notting Hill koos hij bewust voor een gegolfde bakstenen gevel in plaats van een gladde plaat steen. "Ornament komt terug, met beeldhouwwerk in metselwerk en patronen die een gebouw tot leven brengen", zegt hij. Precies dat gevoel, dat een gevel iets mag doen in plaats van alleen maar netjes te staan, zie je steeds vaker terug.

Waarom de strakke gevel op zijn retour is

De witte doos was tien jaar lang de veilige keuze. Makkelijk te bouwen, past bij elke straat, oogt tijdloos. Maar juist die neutraliteit begint tegen te werken. Een gevel die nergens uitspringt, valt ook nergens meer op, en in een tijd waarin iedereen dezelfde grijstinten en platte daken kiest, is dat geen onderscheidend vermogen meer. Architecten zoeken naar gebouwen die je met je ogen dicht zou herkennen aan hoe het licht over het oppervlak valt.

Die zoektocht naar textuur zie je trouwens niet alleen in nieuwbouw. Ook bestaande panden krijgen een make-over met reliëf en dieptewerking. Wil je weten hoe dat aanpakken zonder de bouwtechnische kant uit het oog te verliezen? Lees ook ons artikel over de gevel als hardst werkende onderdeel van je huis, waarin we laten zien hoe een goed doordachte buitenkant meerdere functies tegelijk kan vervullen.

Sierbaksteen en reliëf als nieuwe standaard

Wat opvalt aan de nieuwe golf ornament is dat het niet nostalgisch bedoeld is. Er komt geen negentiende-eeuws stucwerk terug. In plaats daarvan werken architecten met geperste baksteenpatronen, gefreesde panelen en gebogen balkonranden die als een lint om een gebouw lopen. Het effect is modern, maar wel een die je met je handen wilt aanraken in plaats van er alleen naar te kijken.

Dat contrast tussen vloeiende vormen en harde materialen komt ook terug in recente Nederlandse projecten. We schreven eerder al over hoe gebouwen steeds vaker gebogen lijnen krijgen in plaats van rechte hoeken, en dat sluit naadloos aan bij deze ontwikkeling. Rechte, vlakke gevels maken plaats voor oppervlaktes die schaduw vangen en per uur van de dag anders ogen.

Het is een terugkeer naar een ouder principe uit de bouwkunst: ornament als functioneel onderdeel van een gebouw, niet als overbodige versiering die je er later op plakt.

Duurzaamheid en ornament gaan hand in hand

Het opvallende is dat deze trend niet losstaat van de duurzaamheidsopgave waar de bouw al jaren mee worstelt. Bij het Subaru Cocoon Garden project werden bijvoorbeeld K-Briq bakstenen gebruikt, gemaakt van meer dan 90 procent bouwafval, geperst in plaats van gebakken. Het resultaat oogt net zo rijk gedetailleerd als traditioneel metselwerk, maar de CO2-uitstoot ligt een fractie lager.

Ook architect Sarmiento, bekend van een geprefabriceerd woonproject in een smalle stadskavel in Argentinië, ziet die twee dingen samenkomen. Keuken en slaapkamers werden off-site gebouwd en op locatie ingekraand, terwijl de woonruimte zelf traditioneel is opgetrokken met lokale materialen. Modulair bouwen en materiaalintelligentie versterken elkaar, in plaats van dat je moet kiezen tussen snelheid en karakter.

Diezelfde combinatie van natuurlijke materialen en een doordachte constructie zag je vorig jaar al terug bij de houten woontoren SAWA, uitgeroepen tot beste gebouw van het jaar. Hout, baksteen, het materiaal verschilt, maar het uitgangspunt is hetzelfde: een gevel die iets vertelt over hoe en waarvan een gebouw gemaakt is.

Dit betekent het voor je eigen verbouwing

Ga je zelf verbouwen of een gevel vernieuwen, dan hoef je niet meteen aan een compleet nieuw gebouw te denken om van deze trend te profiteren. Een paar concrete richtingen die haalbaar zijn voor een particuliere woning:

  • Kies voor een gemêleerde of licht reliëfbaksteen in plaats van een vlakke gevelsteen, dat geeft direct meer diepte zonder dat de kostprijs sterk stijgt.
  • Laat een metselaar een eenvoudig patroon aanbrengen rond de voordeur of onder de dakrand, zo'n accent hoeft niet de hele gevel te beslaan om effect te hebben.
  • Kijk naar gerecyclede of geperste steenvarianten als alternatief voor traditioneel gebakken steen, functioneel én met een verhaal.
  • Combineer een glad basisvlak met één gebogen of gedetailleerd element, bijvoorbeeld rond een erker of balkon, in plaats van de hele gevel te transformeren.

De kale, witte gevel verdwijnt niet van de aardbodem, maar hij is niet langer de enige stijl die als luxe wordt gezien. Sterker nog, over een paar jaar kijken we misschien terug op deze periode van vlakke stucwerkvlaktes zoals we nu terugkijken op de betonnen kantoorpanden uit de jaren zeventig: functioneel, maar met weinig ziel. Ornament is terug, en deze keer is het geen versiering, maar een statement over vakmanschap.

S
Geschreven door Sophie Wijnands Interieur redacteur

Sophie runt haar eigen interieurstudio in het centrum van Arnhem en heeft een voorliefde voor luxe materialen die niet per se luxe hoeven te kosten. Ze ontdekte haar passie voor interieur toen ze als student haar krappe kamertje van negen vierkante meter zo stylade dat medestudenten dachten dat ze rijk was, terwijl ze van een budgetpasta-dieet leefde. Inmiddels adviseert ze klanten over woonkamers die groter zijn dan haar eerste appartement, maar haar filosofie is hetzelfde gebleven: elegantie begint bij goede keuzes, niet bij een groot budget. Ze schrijft over wonen met stijl en deelt trucs die ze in vijftien jaar designwerk heeft verzameld. Sophie bewijst in elk artikel dat een stijlvol interieur bereikbaar is voor iedereen die bereid is even goed na te denken voor de aankoop.