Het Deense architectenbureau BIG van Bjarke Ingels heeft zijn eerste Japanse project opgeleverd, en het is meteen een statement. Op het afgelegen eiland Sagishima, voor de kust van Hiroshima, staan sinds 1 april 2026 drie luxe villa's die bijna volledig zijn opgetrokken uit de grond waar ze op rusten. Het project heet Not A Hotel Setouchi en combineert Japanse bouwtradities met een Scandinavische ontwerptaal.
Het idee is simpel: de architecten gebruikten stampleem, een techniek waarbij je bevochtigde aarde laag voor laag in een bekisting aanstampt tot een massieve, draagkrachtige muur. De grondstof komt letterlijk uit de bouwput zelf. Weinig transport, weinig afval, en een villa die kleurtechnisch perfect aansluit op zijn landschap.
Het eerste Japanse project van Bjarke Ingels
BIG is een bekende naam in de internationale architectuur. Het bureau ontwierp eerder het Lego House in Billund, de twist-toren The XI in New York en het hoofdkantoor van Google Bay View. Japan was tot nu toe een witte vlek op hun kaart, en Not A Hotel Setouchi is hun eerste gebouwde werk daar.
De opdrachtgever is NOT A HOTEL, een Japans bedrijf dat luxe vakantiewoningen aanbiedt via een fractional ownership model. Eigenaren kopen voor een deel van het jaar gebruiksrecht en delen de villa met andere eigenaren gedurende de overige dagen. Het bedrijf heeft een groeiend netwerk van dit soort woningen verspreid over Japan, maar Setouchi is de eerste locatie waarvoor ze BIG hebben ingeschakeld.
Dat het bureau koos voor een project op een eiland van nog geen vierhonderd inwoners is geen toeval. Sagishima ligt in de Seto-binnenzee, een gebied dat bekendstaat om zijn heldere water, glooiende heuvels en stilte. De architecten wilden iets maken dat past bij die context, niet iets dat er bovenop wordt geplakt.
Waarom de muren uit lokale aarde bestaan
Stampleem is in Japan geen vreemde techniek. In traditionele opslagschuren en landhuizen werd vaak met versies van deze methode gewerkt, en ook in andere delen van Azie kennen we vergelijkbare bouwwijzen. Het resultaat is een muur die koel blijft in de zomer en warmte vasthoudt in de winter, zonder kunstmatige isolatie.
Voor de drie villa's op Sagishima gebruikten de bouwers uitsluitend aarde die ter plekke was uitgegraven voor de fundering. Iedere muur heeft daardoor een iets andere tint, afhankelijk van de laag waaruit de grondstof komt. Geen twee wanden zien er hetzelfde uit, en dat is precies wat de ontwerpers wilden.
Bovenop de muren zitten zonnedaken. Geen losse zonnepanelen op een conventioneel dak, maar geintegreerde zonnecellen die meteen de volledige dakbedekking vormen. Zo zit je als bewoner een groot deel van het jaar op energie die op eigen terrein is opgewekt.
Drie villa's, drie panorama's
Het complex bestaat uit drie onderscheidende villa's, die elk een ander zicht op de omgeving bieden. De architecten noemen ze simpelweg 360, 270 en 90, naar het aantal graden waarmee je vanuit de woning kunt rondkijken.
Villa 360 staat op het hoogste punt van de kaap en heeft een ringvormige plattegrond rond een open binnenhof. Vanuit elke kamer kijk je op het water, de heuvels of een van de kleinere eilandjes voor de kust. Binnen ervaar je een effect dat lijkt op dat van een vuurtoren: je bent overal in het rond met het landschap verbonden.
Villa 270 ligt lager tegen de helling en heeft een U-vormig grondplan, met uitzicht op de zee in drie richtingen. Villa 90 is de meest intieme van de drie, met een smalle gevel die gericht is op een specifiek uitzicht op de ondergaande zon.
Op het terrein staat daarnaast een restaurantpaviljoen met een eigen keukenbrigade. Gasten en eigenaren kunnen er dineren of het eten naar de villa laten brengen. Er is ook een prive-strand dat alleen via een pad vanaf de villa's bereikbaar is.
Een Scandinavische blik op Japanse bouwtraditie
De architectuur is opvallend Japans, en tegelijk duidelijk niet Japans. Dat komt door de combinatie van materialen en schaal. Grote glasvlakken schuiven open zoals bij traditionele shoji, maar ze zijn hoger en breder dan wat je in een Japans landhuis tegenkomt. De vloeren zijn van zwart leisteen, in rechthoekige patronen die doen denken aan tatami. Maar de afmetingen zijn royaler.
Ook in de kleurpaletten zie je de invloed van beide tradities. De aarden wanden zijn warm gebroken beige, het leisteen is bijna zwart, en het hout dat her en der wordt toegevoegd is licht cederhout. Het is dezelfde combinatie die je in Japanse theehuizen terugvindt, maar uitgewerkt op een schaal die Noord-Europees aanvoelt.
Voor wie de stijl van BIG kent, past deze aanpak in de lijn. Het bureau houdt van contrastrijke combinaties: de rondvormen van hun Lego House naast een glazen basis, of de getrapte torens van 8 House in Kopenhagen die toch teruggaan op de traditionele Deense binnenhofwoning. Op Sagishima zoeken ze een vergelijkbare balans.
Wat dit project zegt over luxe wonen in 2026
Not A Hotel Setouchi laat zien dat luxe in de architectuur niet meer synoniem is met glas, goud en marmer. Opdrachtgevers vragen tegenwoordig om ingrepen die het landschap respecteren en materialen die lokaal van herkomst zijn. Dat zagen we eerder in het Redstone House, waar de architecten stenen uit het omliggende gebied gebruikten, en ook in het Arctic Sauna Pavilion, waar de ontwerpkeuze volledig werd bepaald door de Finse poolkoude.
Wat Setouchi bijzonder maakt, is de combinatie van die duurzame aanpak met een commercieel model dat het project toegankelijk maakt voor meerdere eigenaren. Je koopt niet langer een villa voor jezelf alleen, maar een fractie die je deelt. Dat past bij een jongere generatie vermogende mensen die reizen als onderdeel van het bezit zien, niet als tegenhanger ervan.
De officiele BIG-aankondiging van het project benadrukt dat het ontwerp bewust opereert als een lint dat zich door de heuvels wikkelt, in plaats van als een ingreep die het landschap overheerst. Wie een luxe woning bouwt, of alleen maar beheert, kan van deze benadering iets leren: laat de omgeving spreken voordat je zelf begint.